De kerk en het klooster in vroegere tijden

Sint-Annaland is een van de jongere dorpen op het Zeeuwse eiland Tholen. Iets over het ontstaan van dit dorp kunt u lezen in de voorgaande hoofdstukken van deze historie. In dit hoofdstuk beperken we ons tot de geschiedenis van de kerk en met wat daarmee heeft te maken. Bronnen hiervoor zijn diverse acta en archieven.
Er zijn enkele oudere gegevens over de kerk en het kruisherenklooster in Sint-Annaland, welke gesticht zijn na het ontstaan van het dorp. (zie br 1. 1) Naast de "Grote Kerk', eens gesticht als Rooms Katholieke parochie, welke met de Reformatie is meegegaan, zijn er ook twee Gereformeerde Gemeenten. De eerste is geïnstitueerd in 1907 (zie br 1. 2), en de tweede in 1953 (zie br 1. 3). In deze beschrijving zal, indien niet anders vermeld, steeds de "Grote of de hervormde kerk" bedoeld worden.

Muller Hzn. schrijft hierover het volgende: "St. Annalant werd eerst kort na 1475 bedijkt (of herdijkt, indien het op de plaats ligt van het 13e eeuwse Overbordine). Doch wordt niet voor 1488 als parochie in de rekeningen der Domfabriek vermeld. Het omvatte de heerlijkheid zonder de Moggershil- en Hanevosdijk-polders. Welke er eerst bij de herdijking na de hervorming bij zijn gevoegd. De kerk werd in 1505 geïncorporeerd bij het in 1492 aldaar gestichte Cruciferi (kruisheren)klooster." (zie br 1. 4)

In het Register op de Parochiën enz. is het volgende geschreven over priesters die in de parochie van Sint-Annaland hebben gediend. (zie br 1. 5)

"1498-99 Aanstelling van Cornelius A.P. Hartszoon in de kerkparochie van de H. Anna, gelegen in het district van St. Anna. Vacant vanwege het heengaan van dni (dominus, in de betekenis van priester) de priester Leonard Petri Oomszoon, het laatst in functie. Kosten 4 scuta. Opgesteld op de 5e dag na het feest van de H. Catharina."

"1510-11 De priester Johannes Martinus heeft een rechtsgeding over St. Annaland, over zeggenschap, waar een meningsverschil over bestaat. Voor het geval hij wint, zegt hij toe de kosten van het geding te betalen. (De kantekeningen vermelden: Adriaan heeft gewonnen.")

"1536-37 Rechtsgeding over de toewijzing van eigendomsrecht aan de parochiekerk van St. Annaland die vacant staat vanwege de dood van de priester Johannes MarLinus Pansijzer, aan de priester en Mgr. (Monseigneur?) Erasmus Heems, doctor in de beide rechten enz. Opgesteld de 6e januari. Benoeming van de priester Martinus Cornelius aan de parochiekerk van St. Annaland. Vacant vanwege de dood van de priester Johannes Pansijzer, het laatst in functie. Kosten van de aanstelling van diezelfde 20 scuta. Opgesteld op 16 maart."

"1548-49 Het recht om te getuigen is toegekend aan de priester Cornelius Adrianus Speck, vice-curaat (De tweede priester?) in St. Annaland."

"1552-53 Afkondiging van de priester Cornelius Adrianus, voorgedragen aan de parochiekerk van St. Annaland (Wordt nu de eerste priester?), die vacant staat vanwege de wegzending (Ontslagen of elders te werk gesteld?) van Martinus Cornelius, daar het laatst in functie. Kosten van zijn aanstelling: 24 florijnen. Opgesteld de 12e april."

Van voor 1486 (zie br 1. 6) tot na 1553 hebben de volgende personen dus als priesters (pastoors) gewerkt in de parochiekerk van de H. Anna: Leonard Petri Oomszoon, Cornelius A.P. Hartszoon, Johannes Martinus Pansijzer, Martinus Cornelius en Cornelius Adrianus Speck.

Over het klooster wordt in het "Archief van de Ambachtsheerlijkheid" gezegd:

"1504 Mei 20, Broeder Jan van Driel, "cruysbroeder", pater in Sent-Anneland, verklaart van Jan Cornelissen, rentmeester aldaar, ontvangen te hebben ten behoeve van zijn klooster: 100 Rijnsche guldens van 20 stuivers, zijn de 5e termijn van 100 pd (ponden)., door de vrouwe van Ravestein toegestaan boven de 100 pd., bij de stichting van genoemd klooster gegeven (zie br 1. 7)."

"1504 Juli 26, Broeder Jan van Driel, prior van het nieuwe klooster der Cruysbrueder orde in Sent-Annelant, verklaart van Jan Cornelissen, rentmeester aldaar, ontvangen te hebben 16 pd. (ponden) 13 sch. (schellingen) 4 gr. (groten) Vl. (Vlaams), verschenen Juli 1504, als de 6e en laatste termijn van 100 pd. Vl., welke de vrouwe van Ravestein na de fundatie van dit klooster voor de "tymmeragy" daarvan had toegewezen.
Ghesciet int jair ons Heren vijftienhondert vier op Sent-Annendach der heyliger vrouwen ende moeder." (zie br 1. 8)

Over de aanwezigheid van een priester, die aan de kerk behoorde, wordt in hetzelfde archief het volgende gezegd:

"1504 Mei 8, Lenaert Pieter Oemszoon, priester, verklaart van Jan Cornelissen, rentmeester in Sent-Anneland, ontvangen te hebben 6 pd. Vl., zijnde de opbrengst eener jaarlijksche lijfrente, komende uit het blok vronen, die Pier Jan Pier Hugenzoon baant, verschenen 1504 (zie br 1. 9).

In de Rekeningen van de Heerlijkheid van Sint-Annaland, worden betalingen vermeld, die te maken hebben met de kerk:

Uit het jaar 1541/1542:
"Bethailt de kerckmeesters van St. Annelandt die plagten te ontfangen mette gilde meesters 17 gr. jaarlycx van elcken block thienden daer mijnen here de kerkcke metten Heylygen Geest jaerlicx voire geeft, 20 sch.gr."

"Bethailt heer Symon van Breda Pietersz. Ter cause vande missen upten antaer vande Heylige Drievuldicheyt binnen der kercke van St. Annelandt daer mijnen here jaerlijycx
an gelt, 2 pond gr."

"Bethailt den heeren van Oude Monstre tot Uutrecht de pensie vanden thienden van St. Annelandt met zijnen ancleven die gevallen is decima augisti XVc XLItich, somma totalis
21 sch. 12 mijten" (zie br 1. 10)

Uit het jaar 1589/1590: "Betaelt de heeren van Oudemunster haer jaerlixe pensie van thienen over de heerlichheyt van St. Annelant metten appendentiën van dien ende dat voer 't jaer
LXXXIX, compt metten oncosten vanden boede 34 sch." (zie br 1. 11)

Uit het jaar 1599/1600: "Item betaelt de heeren van Oudemunster haer jaerlickxe pensie van de thyenden over de heerlickheid van St. Annalandt metten appendentiën van dien, compt over 't jaer 1599 voor haer pentioen 27 sch. 8 gr." (zie br 1. 12)
De kerk van Sint-Annaland behoorde aan het kapittel van Oudmunster te Utrecht, (zie br 1. 13) zie ook de bovenstaande betalingen. En zou daar in 1505 aan onttrokken zijn en bij het klooster'ingelijfd (zie br 1. 14). Zie ook boven Muller Hzn. Het klooster schijnt maar enkele tientallen jaren te hebben bestaan (zie br 1. 15). Behoorde de kerk daarna weer aan het kapittel van Oudmunster?


Bronnen 1.

1.) De orde van de Kruisheren is gesticht in het begin van de 13e eeuw, door Theodorus van Celles. een kanunnink van het bisdom Luik. Kenmerken van de orde: het armoede-ideaal, gebeds- en boeteleven. Daarna ook aandacht voor zielzorg en onderwijs. Petrus Walcurtius, de opvolger van de stichter, organiseerde de orde krachtig. Bron: Christelijke Encyclopedie, Kampen 1977.
2.) Kerkelijk Jaarboek van de Geref. Gemeenten in Nederland. (1982, p 75) In latere jaarboeken spreekt men van ca. 1854. De Geref. Gemeente in St-Annaland is ontstaan uit leden van de Hervormde Gemeente die zich in de 19e eeuw hebben afgescheiden. Deze mensen vormden een gemeente rond ds. P. van Dijke, die een afgescheiden gemeente diende op St-Philipsland. De gemeente heeft zich waarschijnlijk aangesloten bij het kerkverband van de Gereformeerde Gemeenten, die in dat zelfde jaar ontstaan is.
3.) Encyclopedie Zeeland, p 68.
4.) Muller, Hzn., De kerkelijke indeling omstreeks 1550, Deel I, Bisdom Utrecht, decanaat zuutbevelandia, (later valt St. Annaland onder decanaat scaldia (schouwen), p. 163.
5.) P.M. Grijpink, Register op de Parochiën, Altaren, Vicariën en de Bedienaars enz., I, Amsterdam, 1914, Zuidbevelandia, 4.
6.) Uit het Archief der Ambachtsheerlijkheid, blijkt dat Leonard Petri Oomszoon al pastoor was in 1486. Namens de rentmeester van Sint-Annaland betaald hij aan diverse personen gelden uit. P. 223 en 224 van het Archief der Ambachtsheerlijkheid.
7.) L. Lasonder, Het archief der Ambachtsheerlijkheid St. A., 1432-1875, p. 240.
8.) Idem p. 242.
9.) Idem p. 240.
10.) Rekening van de Heerlijkheid van Sint-Annaland 1541/1542, van: PRQE 1600 club.
11.) Idem 1589/ 1590.
12.) Idem 1599/1600.
13.) Encyclopedie van Zeeland, p. 67.
14.) Idem, p. 68.
15.) Han Dekker, De Ambachtsheerlijkheid Sint-Annaland III, 1968.

Voor hoofdstuk2 klik op pijl naar rechts Terug naar begin klik op H13